Hygiëne, zoönosen en bezoekerscontact
Mens en dier verantwoord samenbrengen door inrichting, voorzieningen en dagelijks gedrag.
Bezoekers komen op kinderboerderijen bewust dicht bij dieren.
Daardoor kunnen zij ook in contact komen met mest, bodembedekking, voer, hekwerken en andere oppervlakken.
Goede hygiëne bestaat daarom niet uit één bord of alleen een handenwaspunt.
Routing, schoonmaak, diergezondheid, bezoekersgedrag en communicatie moeten elkaar ondersteunen.
KinderboerderijAdvies beoordeelt deze onderwerpen in samenhang met dierenwelzijn en praktische uitvoerbaarheid.
Waarom zoönosen aandacht vragen
Zoönosen zijn infectieziekten die van dieren op mensen kunnen worden overgedragen.
Bij kinderboerderijen kunnen bezoekers in contact komen met dieren, mest, bodembedekking, hekwerken en andere oppervlakken.
Daarom zijn praktische preventiemaatregelen belangrijk.
RIVM benadrukt onder andere handenwassen met water en zeep na diercontact en vóór eten.
Verdieping binnen hygiëne en bezoekerscontact
Hygiëne en verantwoord bezoekerscontact vragen aandacht voor de inrichting én het dagelijks gebruik van de locatie. De onderstaande onderwerpen laten zien welke onderdelen daarin samenkomen en waar KinderboerderijAdvies bij kan ondersteunen.
Handen wassen, routing en hygiënevoorzieningen
Over de plaats, inrichting en vindbaarheid van voorzieningen en de scheiding tussen dier-, eet- en speelzones.
Mest, schoonmaak, voeropslag en plaagdierpreventie
Over bronaanpak, schoonmaakroutes, mestopslag, afval, voerresten en het voorkomen van gunstige omstandigheden voor plaagdieren.
Veilig en verantwoord
diercontact
Over aaien, voeren, toezicht, rustzones, bijt- en traprisico’s en contact dat voor mens én dier verantwoord blijft.
Geboorte, ziekte en kwetsbare bezoekers
Over situaties waarin tijdelijk
extra maatregelen, afscherming
of communicatie nodig kunnen zijn.
Hygiëne binnen het kwaliteitskader
Het ZooCO Kwaliteitskader verbindt hygiënevoorzieningen aan inrichting, verantwoordelijkheden en dagelijks handelen.
Een voorziening of protocol krijgt pas betekenis wanneer het passend is, wordt onderhouden en daadwerkelijk wordt gebruikt.
KinderboerderijAdvies kijkt daarom ook naar instructies, materiaalgebruik, schoonmaakafspraken en de opvolging van bijzonderheden.
Waar aanvullende diergeneeskundige of infectiepreventiedeskundigheid nodig is, wordt dat aangegeven.
Hygiëne begint bij de inrichting
Een handenwaspunt heeft weinig effect wanneer bezoekers het niet tegenkomen, kinderen er niet bij kunnen of eten en diercontact op dezelfde plaats plaatsvinden.
Daarom moeten bezoekersstromen, uitgangen uit dierzones, eetplaatsen, toiletten en schoonmaakroutes gezamenlijk worden beoordeeld.
De hele keten bekijken
Voeropslag, gemorst voer, mest, afval, water, materialen en terreinonderhoud beïnvloeden elkaar.
Een plaagdierprobleem los je niet duurzaam op met alleen bestrijding. Eerst moet worden beoordeeld waar voedsel, water, toegang en schuilgelegenheid ontstaan.
Bezoekerscontact heeft grenzen
Dieren hoeven niet voortdurend beschikbaar te zijn. Ongecontroleerd voeren, optillen, achtervolgen of betreden van rustzones kan zowel gezondheid als welzijn schaden.
Duidelijke communicatie, passend toezicht en een logisch terreinontwerp helpen bezoekers gewenst gedrag te begrijpen.
Praktijkpagina naast het toekomstige kennisgedeelte
Deze pagina gaat over dagelijkse toepassing op de locatie. Uitgebreide informatie over wettelijke verplichtingen, verantwoordelijkheden, toezicht en erkende richtlijnen krijgt een vaste plaats in het afzonderlijke kennisgedeelte over wetgeving en zoönosen.
Hygiëne en bezoekerscontact laten beoordelen?
Wilt u weten of voorzieningen, routing, schoonmaak en bezoekersgedrag logisch op elkaar aansluiten?
Neem contact op om de locatie en bestaande werkwijze te bespreken.