RI&E & veilig werken met dieren

Een dierlocatie is ook een werkplek. En die werkplek ziet er anders uit dan een kantoor, buurthuis of gewone groenvoorziening.

Veilig werken op een dierlocatie gaat over veel meer dan alleen dieren.

Medewerkers, vrijwilligers, stagiairs, zorgdeelnemers en externe uitvoerders kunnen werken met dieren, machines, gereedschap, mest, schoonmaakmiddelen, diergeneesmiddelen en fysiek belastende werkzaamheden.

Daarnaast moet ook de arbeidsplaats zelf veilig zijn: voldoende schoon en overzichtelijk, geschikt onderhouden, zonder onnodige obstakels of scherpe delen en met passende ventilatie, verlichting en veilige routes.

Een aanwezige RI&E is daarom pas waardevol wanneer deze aansluit op de mensen, werkzaamheden én werkplekken die er werkelijk zijn.

Werken met dieren kent eigen risico's

Een dierlocatie combineert vaak allerlei werkzaamheden:
dierverzorging, voeren, uitmesten, schoonmaak, dierverplaatsing, onderhoud, groenbeheer, transport en publiekscontact.

Daarbij kunnen onder meer diergedrag, fysieke belasting, stof, biologische agentia, diergeneesmiddelen, machines, gevaarlijke stoffen en alleen werken relevant zijn.

Niet ieder risico geldt op iedere locatie.
Maar wat wél wordt uitgevoerd moet herkenbaar onderdeel zijn van de veiligheidsorganisatie.

Een algemene RI&E kan een blinde vlek houden

Dat zien we vooral wanneer de dierlocatie onderdeel is van een grotere organisatie.

Een gemeentelijke RI&E kan bijvoorbeeld sterk gericht zijn op kantoor, buitendienst of groenbeheer.

Een zorgorganisatie kan vooral vanuit de zorgverlening hebben beoordeeld.
Daarmee is niet automatisch aangetoond dat alle diergebonden werkzaamheden voldoende zijn onderzocht.

Veilig werken is ook werken met schoon, heel en passend materiaal

Veel ongelukken ontstaan niet doordat iemand bewust een zeer gevaarlijke taak uitvoert. Ze ontstaan tijdens gewone werkzaamheden. 
Een versleten steel, gladde vloer, losliggende slang, trap die niet goed staat, kapotte poort, uitstekende schroef of slecht verlichte
opslagruimte kan op een drukke dag precies het verschil maken.

Dat klinkt bijna te eenvoudig voor een beleidsdocument. Juist daarom wordt het vaak over het hoofd gezien. De Nederlandse Arbeidsinspectie benadrukt bij machineveiligheid niet alleen technische veiligheid, maar ook onderhoud, veilige procedures, RI&E en begrijpelijke instructie. 

Een veilige organisatie is dus niet alleen een goede map. De fysieke werkplek moet hetzelfde verhaal vertellen.

Verdieping binnen RI&E & veilig werken

Medewerkers, vrijwilligers,
stagiairs & deelnemers

Niet iedere persoon heeft dezelfde juridische positie of mag automatisch dezelfde taken uitvoeren.

Gereedschap, machines,
PBM & gevaarlijke stoffen

Over gebruiksbevoegdheid,
instructie, onderhoud en
taakgeschiktheid.

Bijt-, krab-, prik- &
andere incidenten

Over letsel, biologische
blootstelling,
melden, leren en verbeteren.

Geldt dit voor ons?

Kinderboerderij

Wanneer er werknemers zijn, speelt werkgeversverantwoordelijkheid rechtstreeks. Bij vrijwilligers kunnen afhankelijk van het risico eveneens arbovoorschriften relevant worden.

Zorglocatie

De zorgorganisatie kan werkgever zijn van begeleiders en tegelijkertijd verantwoordelijk zijn voor de veiligheid van cliënten. Zorgdeelnemers die werkzaamheden uitvoeren hebben niet automatisch dezelfde juridische positie als personeel.

Gemeente

Een gemeente kan werkgever zijn van medewerkers, terwijl een stichting op dezelfde locatie weer eigen werknemers of vrijwilligers heeft. Eén gemeentelijke RI&E dekt daardoor niet vanzelfsprekend iedere organisatie af.

Deskundigheid hoeft niet allemaal in één persoon te zitten

KinderboerderijAdvies voert geen formele RI&E-toets uit wanneer gecertificeerde arbodeskundigheid nodig is.

Wij hoeven ook geen bedrijfsarts te worden.

Onze rol is ervoor zorgen dat de arbodeskundige de juiste dierlocatiespecifieke vragen krijgt en dat uitkomsten vervolgens hun weg naar de praktijk vinden.

Een nulmeting voorkomt protocolstapeling

Wanneer een locatie bij ieder incident één nieuw protocol schrijft, ontstaat uiteindelijk een stapel documenten zonder samenhang.

Wij beginnen liever bij de feitelijke situatie.

Daaruit volgt welke onderwerpen:

  • al voldoende zijn geregeld;
  • praktisch moeten worden verbeterd;
  • in de RI&E moeten worden verdiept;
  • of door een specialist moeten worden beoordeeld.

Papierwerk is vervelend, maar het heeft een functie

Veel locaties vinden protocollen, registraties en werkschema's begrijpelijkerwijs belastend. Het doel moet dan ook nooit zijn
zoveel mogelijk formulieren te produceren. 
Maar helemaal zonder vastlegging ontstaat een ander probleem. 
Wanneer personeel of vrijwilligers wisselen, kennis mondeling wordt overgedragen of een incident jaren later wordt
onderzocht, moet nog kunnen worden vastgesteld:
wat was de afspraak, wie was geïnstrueerd, welk risico was bekend en wat is ermee gedaan?
Voor werknemers is dat extra relevant omdat de werkgever bij een arbeidsongeval moet kunnen aantonen dat hij zijn zorgplicht is nagekomen. 

Daarom kiest KinderboerderijAdvies voor zo weinig mogelijk papier, maar genoeg om veilig, overdraagbaar en aantoonbaar te werken.

Staat de dierlocatie werkelijk in uw RI&E of alleen het adres?

Een RI&E kan formeel aanwezig zijn terwijl diergebonden werkzaamheden, vrijwilligers, machines, biologische risico’s of een afwijkende werkruimte nauwelijks zijn meegenomen.
Dat geldt vooral wanneer een dierlocatie onderdeel is van een grotere gemeente, stichting of zorgorganisatie.
KinderboerderijAdvies voert geen formele arbotoets uit wanneer daarvoor gecertificeerde deskundigheid nodig is. We brengen wel in beeld welke dierlocatiespecifieke werkzaamheden en risico’s een goede arbobeoordeling moet herkennen.
Zo kan een arbodeskundige vervolgens veel gerichter worden ingezet.