Gebouwen, brandveiligheid & calamiteiten
Een veilige dierlocatie bestaat niet alleen uit veilige dierenverblijven.
Stallen, kantines, educatieruimten, werkplaatsen, opslag en technische installaties hebben ieder hun eigen functie en risico’s.
Welke regels gelden hangt af van het gebouw, gebruik en aantal aanwezige personen.
Gebruiksfunctie doet ertoe
Brandveiligheid en bouwkundige verplichtingen zijn niet voor ieder gebouw hetzelfde.
Een gebruiksmelding onder het Bbl is bijvoorbeeld alleen in bepaalde situaties verplicht en hangt onder meer samen met gebruiksfunctie en personenaantal.
Daarom moet eerst worden vastgesteld hoe een gebouw werkelijk wordt gebruikt.
Dierenlocaties groeien vaak historisch
Een stal wordt opslag. Een kantine krijgt horeca. Een ruimte wordt gebruikt voor dagbesteding.
Zulke veranderingen kunnen geleidelijk ontstaan zonder dat iemand bewust stilstaat bij de gevolgen voor gebouwgebruik of veiligheid.
Verdieping binnen gebouwen & calamiteiten
Brandveiligheid, BHV & calamiteitenplan
Over menselijke veiligheid, dierzorg, uitval, evacuatie
en continuïteit.
Gebouwen, installaties & binnenmilieu
Over gebouwgebruik, ventilatie, gas, drinkwater, legionella, asbest en technische verantwoordelijkheden.
Een bezoek van de brandweer betekent niet automatisch dat alles is beoordeeld
Iedere controle heeft een bepaalde opdracht en reikwijdte.
Daarom is het belangrijk te weten:
wat is daadwerkelijk bekeken, wanneer, onder welke omstandigheden en welke acties stonden nog open?
KinderboerderijAdvies voert geen brandveiligheidsinspectie uit, maar kan tijdens een nulmeting
wel zichtbaar maken waar nadere specialistische beoordeling nodig is.
Wie is hier eigenlijk verantwoordelijk?
Locatie of stichting
Kan gebruiker of exploitant van gebouw en installaties zijn.
Gemeente of vastgoedeigenaar
Kan eigenaar zijn en verantwoordelijkheden hebben voor gebouw, groot onderhoud of bepaalde installaties.
Zorgorganisatie
Kan daarnaast vanuit de zorgverlening eisen moeten stellen aan de veiligheid van de omgeving waarin cliënten verblijven of activiteiten uitvoeren.
Een huur- of gebruiksovereenkomst lost deze verdeling alleen op wanneer daadwerkelijk duidelijk is welke partij welk onderdeel regelt.
Calamiteiten raken mens én dier
Bij brand of andere uitval staat menselijke veiligheid vanzelfsprekend voorop.
Maar dieren blijven daarna afhankelijk van verzorging, water, huisvesting en toegang.
Daarom moeten calamiteiten en continuïteit op een dierlocatie aan elkaar worden gekoppeld.
Koppeling met het Kwaliteitskader
Het ZooCO Kwaliteitskader beoordeelt niet zelf iedere technische installatie.
Wel moet duidelijk zijn of relevante specialistische onderwerpen zijn herkend, beoordeeld en opgevolgd.
Zijn gebouwgebruik, brandveiligheid en dierzorg ooit als geheel bekeken?
Een nulmeting kan zichtbaar maken welke vragen al zijn beantwoord en waar nog een specialist nodig is.