Aansprakelijkheid, zorgplicht & verzekering

Veiligheid stopt niet bij de vraag of iets letterlijk verboden is. Ook voorzienbare risico's, onderhoud, toezicht en zorgvuldig handelen kunnen een rol spelen.

Op een dierlocatie gaat het niet alleen om bestuursrechtelijke regels en inspecties.

Wanneer een bezoeker, medewerker, vrijwilliger of andere betrokkene schade lijdt, kan ook de vraag ontstaan of de organisatie,
werkgever, eigenaar, dierhouder of een andere partij voldoende zorgvuldig heeft gehandeld.

Welke partij aansprakelijk is, verschilt per situatie.
Daarom is het belangrijk dat risico's, verantwoordelijkheden, maatregelen, onderhoud en instructies vooraf duidelijk zijn geregeld en achteraf aantoonbaar zijn.

Niet alles staat als concrete maat in de wet

De wet zegt lang niet altijd: plaats precies dit hek, gebruik precies deze sluis of controleer iedere dinsdag om 09.00 uur het terrein.

Toch kan achteraf worden gevraagd of een risico voorzienbaar was en of redelijkerwijs voldoende maatregelen waren genomen.

Een kapot hek dat weken blijft staan, los gereedschap op een bezoekersroute, een slecht verlichte trap of een dierverblijf waarvan de poort gemakkelijk open kan blijven staan, kan daarom méér zijn dan alleen een praktisch beheerprobleem.

De vraag wordt dan ook:

Had de organisatie dit risico kunnen kennen en wat heeft zij gedaan om het te voorkomen?

Dieren brengen een eigen aansprakelijkheidsvraag mee

Voor door een dier veroorzaakte schade kent het Burgerlijk Wetboek een specifieke aansprakelijkheidsregeling. Bij gebruik van dieren binnen een bedrijf kan bovendien de bedrijfsuitoefenaar een relevante aansprakelijke partij zijn. 

Denk bijvoorbeeld aan een geit, schaap of hert dat uit een verblijf ontsnapt en op de openbare weg terechtkomt.

Een bord Poort sluiten kan nuttig zijn, maar roept niet automatisch alle andere vragen weg:

was het hekwerk geschikt, was een sluis passend geweest, werd de poort goed onderhouden, was de ontsnappingskans bekend, wie controleerde dit en waren eerdere problemen opgevolgd?

“Betreden op eigen risico” vervangt geen veilige omgeving

Een waarschuwingsbord kan zinvol zijn.

Maar een bord herstelt geen kapot hek, vult geen gat in een looppad, verwijdert geen losliggend gereedschap en houdt geen dier tegen.

Ook juridisch is een eigen-risicobord geen onbeperkte vrijstelling. Rechtspraak laat zien dat de werking daarvan afhankelijk is van de omstandigheden en dat evidente gevaarzettende situaties daarmee niet vanzelf verdwijnen. 

Een bord is dus een communicatiemiddel, geen vervanging van risicobeheersing.

Ook werkgeversaansprakelijkheid speelt mee

Voor werknemers geldt een specifieke zorgplicht van de werkgever voor een veilige werkomgeving, werktuigen, gereedschappen, maatregelen en instructies. 

Daarom is het bijvoorbeeld onvoldoende om alleen te zeggen:

“Hij wist toch hoe de machine werkte?”

Wanneer iemand letsel oploopt, kan juist relevant worden welke instructie aantoonbaar is gegeven, of de machine geschikt en onderhouden was, of de taak bij de persoon paste en of voldoende toezicht aanwezig was.

Bij vrijwilligers of zorgdeelnemers kan de juridische route anders zijn. Maar ook dan verdwijnen de algemene zorgvuldigheidsvragen niet.

Verzekering is geen alternatief voor goed beheer

Een aansprakelijkheidsverzekering is belangrijk, maar een polis voorkomt geen ongeval en dekt niet automatisch iedere situatie.
Activiteiten, dieren, werknemers, vrijwilligers, evenementen of andere functies moeten daarom ook aansluiten op de verzekerde situatie.
KinderboerderijAdvies geeft geen juridisch aansprakelijkheidsoordeel en adviseert geen verzekeringsproduct.
Wij kunnen wel signaleren wanneer verantwoordelijkheden, activiteiten of risico's reden geven om een jurist, verzekeraar of andere deskundige te betrekken.

Wilt u pas ná een incident ontdekken wie waarvoor verantwoordelijk was?

Een nulmeting brengt niet alleen zichtbare risico's in beeld, maar ook de organisatie erachter: eigendom, beheer, werkzaamheden, onderhoud, afspraken en bestaande controles.
Dat maakt het mogelijk om risico's te verbeteren vóórdat een klacht, ongeval of aansprakelijkheidsvraag ontstaat.